Skip to main content

Dutch landscape art in the 17th century

JCJ VANDERHEYDEN

VANDERHEYDEN, JCJ

From 10.08.1948 to 10.10.1948

Groepstentoonstelling - Opening : L. Janssens (wethouder van onderwijs en culturele zaken). - Inleiding : E.L.L. de Wilde. - Curator : E.E.L. de Wilde m.m.v. Bob de Vries - Opmerkingen: Tentoonstelling ter gelegenhied van het 50-jarige Regeringsjubileum H.M. Koningin Wilhelmina - Met documentatie

In de inleiding van de catalogus licht directeur en samensteller van de tentoonstelling Edy de Wilde de keuze van het onderwerp toe. "Het onderwerp van deze tentoonstelling werd gekozen omdat de landschapschildering een typisch nationale kunstvorm is, waarin Nederlanders zich het meest volledig hebben uitgesproken. Want de nationale deugden van eenvoud en innigheid zijn in het landschap zelden geworden tot de burgerlijke en materialistische levenshouding, waaraan onze portret-, genre- en stillevenschilders dikwijls niet konden ontkomen. Juichend om de ontdekking der aarde en haar overvloedige weelde, om de ontdekking der persoonlijkheid en haar mogelijkheden tot ontplooiing had de Renaissancegeest zich over Europa uitgestort en juichend werd men zich de weelde der aarde overal opnieuw bewust. Nergens richtte echter de blik zich met groter ingetogenheid naar de nieuwe horizonten en nergens zag de schilder de natuur soberder dan hier: eerst, in de periode van opkomst, van een verwijderd punt de zichtbare werkelijkheid aandachtig observerend, vervolgens subjectief de stemming peilend en tenslotte, bij de grootsten, doordringend in het vreemde zijn van bergen en vlakten. De synthese tussen verbeelding en realistische gezindheid is in onze 17e eeuw bereikt op een wijze waarvan de monumentaliteit en de rijpheid van stijl enig is in de Europese schilderkunst". De tentoonstelling beperkte zich tot 82 werken uit de 17e eeuw en gaf een afgerond beeld van het landschap als zelfstandige kunstvorm, in haar opkomst, groei, bloeitijd en verval. Nederlandse landschapskunst in de 17e eeuw kreeg juichende recensies. Een van de veelgeprezen kopstukken was een vergezicht van Philips de Koninck uit Schots privé-bezit. Op kwalitatieve gronden had De Wilde op de komst van dit schilderij aangedrongen, terwijl de Commissie van Toezicht vanwege de kosten daar aanvankelijk niet voor voelde